Wat UPV Textiel is, wanneer het begon en de doelstellingen voor 2030

UPV Textiel is de Nederlandse regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor kleding en huishoudtextiel, die producenten, importeurs en onlineverkopers die deze producten op de Nederlandse markt brengen wettelijk bindt. Van kracht sinds 1 juli 2023 onder het Besluit uitgebreide producentenverantwoordelijkheid textiel, dekt het consumentenkleding, bedrijfskleding en huishoudtextiel zoals tafel-, bed- en huishoudlinnen,[1] en verschuift het de operationele en financiële verantwoordelijkheid voor afvalbeheer, inzameling, sortering, hergebruik en recycling rechtstreeks naar commerciële marktdeelnemers.

Het primaire doel van het besluit is om de textielketen om te vormen tot een circulair systeem en de hoeveelheid restafval die naar verbrandingsinstallaties gaat te verminderen. In plaats van uitsluitend te vertrouwen op gemeentelijke inzamelsystemen, moeten producenten systemen opzetten, organiseren en financieren die afgedankt textiel kosteloos bij consumenten inzamelen, zodat waardevolle vezels opnieuw in de productiecyclus terechtkomen.

Onder het Besluit UPV textiel moeten elk jaar minimale doelstellingen voor afvalbeheer worden behaald, die jaarlijks stijgen en telkens worden gemeten aan de hand van het gewicht aan textiel dat de producent in het voorgaande jaar op de Nederlandse markt bracht.[2] De doelstelling voor vezel-tot-vezelrecycling is de uitzondering: die is een aandeel van wat u heeft laten recyclen, niet van wat u op de markt bracht.[4] Cruciaal is dat het besluit geen afzonderlijke, op zichzelf staande inzameldoelstelling bevat; inzamelvolumes worden direct gedreven door de verplichting om concrete hergebruik- en recyclingquota te behalen.

Wettelijke doelstelling20252026 tot en met 2029Vanaf 2030Grondslag van de meting
Voorbereiding voor hergebruik en recycling (gecombineerd)50%55%, 60%, 65%, 70%75%Gewicht in het voorgaande jaar op de Nederlandse markt gebracht[4]
Voorbereiding voor hergebruik20%21%, 22%, 23%, 24%25%Gewicht in het voorgaande jaar op de Nederlandse markt gebracht[4]
Hergebruik dat plaatsvindt binnen Nederland10%11%, 12%, 13%, 14%15%Gewicht in het voorgaande jaar op de Nederlandse markt gebracht[4]
Vezel-tot-vezelrecycling25%27%, 29%, 31%, 32%33%Aandeel van het gerecyclede textiel, zo verwerkt dat de vezels opnieuw worden toegepast in materialen voor kleding of huishoudtextiel[4]

De subdoelstellingen vereisen specifieke prestaties: vanaf 2030 moet, naast de gecombineerde verplichting van 75 procent, ten minste 25 procent van het marktgewicht van het voorgaande jaar worden voorbereid voor hergebruik, minstens 15 procent daadwerkelijk binnen Nederland worden hergebruikt, en minimaal 33 procent van het gerecyclede volume vezel-tot-vezel worden gerecycled tot materiaal voor kleding of huishoudtextiel in plaats van te worden gedowncycled tot isolatiemateriaal of poetslappen.[4]

Wie is verantwoordelijk: de definitie van producent en importeur

De verantwoordelijkheid onder de UPV Textiel volgt het principe van wie het product als eerste op de markt brengt. Iedereen die beroepsmatig nieuw vervaardigde kleding (consumentenkleding en bedrijfskleding, inclusief veiligheidskleding) of huishoudtextiel (tafellinnen, beddengoed en huishoudlinnen zoals hand- en theedoeken) voor het eerst op de Nederlandse markt aanbiedt, geldt als producent, ongeacht de verkoopmethode.[2] Het maakt daarbij niet uit wie het product als eerste ontvangt: een wederverkoper of de eindgebruiker. Uw rechtsvorm of merkgrootte verandert niets aan deze status.

Binnen de producentendefinitie leiden vier commerciële rollen tot directe verplichtingen:

  • Binnenlandse fabrikanten: bedrijven die afgewerkte kledingstukken of huishoudlinnen in Nederland produceren en rechtstreeks of via de groothandel aan Nederlandse afnemers verkopen.
  • Directe importeurs: Nederlandse bedrijven die kleding of linnen inkopen van buiten Nederland (zowel uit EU-lidstaten zoals Portugal of Italië als uit niet-EU-landen zoals China of het VK) en op Nederlands grondgebied brengen.
  • Private-labelverkopers: webshops en retailers die kleding laten vervaardigen onder hun eigen merk of handelsnaam, ongeacht wie de productiefaciliteit exploiteert.
  • Buitenlandse afstandsverkopers: buitenlandse e-commercebedrijven die textiel rechtstreeks vanuit het buitenland leveren aan consumenten in Nederland.

Omgekeerd geldt een duidelijke uitzondering voor de reguliere binnenlandse detailhandel: koopt een Nederlandse webshop of boetiek voorraad in bij een geregistreerde Nederlandse distributeur die de goederen al in Nederland heeft ingevoerd en aangegeven, dan geldt de winkelier niet als degene die het product als eerste op de markt brengt. De toeleverende Nederlandse distributeur heeft de primaire producentenverantwoordelijkheid immers al gedragen. Het controleren van de afgesproken leveringsvoorwaarden (zoals DDP versus EXW) en douaneaangiften is cruciaal om vast te stellen waar het eigendom overgaat.

Grensoverschrijdende handel brengt parallelle verplichtingen met zich mee. Verkoopt u ook producten naar Duitsland, dan gelden daar afzonderlijke nationale regels: voor verpakkingen zijn een registratie in LUCID en een systeemdeelnameovereenkomst onder de PPWR en het Duitse VerpackDG vereist, en sinds 12 augustus 2026 heeft een verkoper zonder Duitse vestiging ook een gemachtigde vertegenwoordiger in Duitsland nodig. Wij brengen deze internationale eisen systematisch in kaart, zodat u geen blinde vlekken overhoudt in uw buitenlandse verkoopkanalen.

Wat u moet doen: melden, rapporteren, betalen

Zodra u als producent onder de UPV Textiel valt, schrijft de Nederlandse regelgeving een vaste reeks verplichtingen voor: een melding doen bij Rijkswaterstaat, het afvalbeheer van uw textiel organiseren en financieren via een passend innamesysteem dat gratis is voor wie textiel inlevert, de jaarlijkse minimumdoelstellingen halen en elk jaar vóór 1 augustus een verslag indienen bij Rijkswaterstaat.[2]

  • Producentenmelding indienen: u meldt formeel bij Rijkswaterstaat, binnen zes weken na de dag waarop de regels op u van toepassing worden, dat u als textielproducent actief bent op de Nederlandse markt, en beschrijft hoe u aan de wettelijke doelstellingen gaat voldoen.
  • Jaarlijks verslag indienen: vóór 1 augustus doet u elk jaar verslag over het voorgaande kalenderjaar, inclusief het nettogewicht in kilogrammen aan kleding en huishoudtextiel dat u op de Nederlandse markt heeft gebracht.
  • Het textielbeheer betalen: producenten financieren de inzameling, sortering en circulaire verwerking van textielafval, in de praktijk via een bijdrage per kilogram aan een producentenorganisatie.

Producenten kunnen individueel aan deze verplichtingen voldoen door een eigen inname- en sorteersysteem op te zetten. Omdat dit complex is, wijst Rijkswaterstaat op het alternatief van aansluiting bij een producentenorganisatie, die dan tegen een financiële bijdrage namens u de melding doet, de inzameling organiseert, zorgt dat voldoende textiel wordt voorbereid voor hergebruik en wordt gerecycled, en het jaarlijkse verslag indient.[2]

In Nederland zijn momenteel drie producentenorganisaties actief: Stichting UPV Textiel (het grootste collectieve systeem), European Recycling Platform Netherlands B.V. en Collectief Circulair Textiel.[2] Stichting UPV Textiel heeft de textielbeheerbijdrage voor 2026 vastgesteld op EUR 0,24 per kilogram textiel die op de Nederlandse markt wordt gebracht.[3] De organisatie bundelt deze middelen om afvalinzamelaars, sorteerders en verwerkers te contracteren en verzorgt de melding en de jaarlijkse rapportage voor haar deelnemers.

Wat de UPV Textiel betekent voor uw webshop

E-commercebedrijven die kleding, modeartikelen of bed- en badtextiel verkopen, moeten deze wettelijke vereisten vertalen naar operationele processen. Anders dan bij verpakkingen onder het Besluit beheer verpakkingen 2014, waar de bijdrage aan Verpact pas begint boven 50.000 kg verpakkingen per kalenderjaar, kent de UPV Textiel geen enkele minimumdrempel. Of uw webshop nu 10 kledingstukken of 50.000 stuks per jaar verkoopt: de verplichtingen gelden vanaf het allereerste op de markt gebrachte stuk.

Webshops moeten een sluitende administratie bijhouden om hun jaarlijkse kilogramopgaven te onderbouwen. Bij een controle door de ILT moet u gespecificeerde inkoop- en verkoopgegevens kunnen overleggen, onderbouwd met primaire commerciële bewijsstukken.

  • Nettogewichttabellen per artikel: houd een SKU-stamregister bij waarin het exacte nettogewicht in grammen voor elk verkocht kleding- en huishoudtextielartikel is vastgelegd.
  • Leveringsdocumentatie van leveranciers: archiveer handelsfacturen en douanedocumenten die de herkomst, goederencodes en inkoopdata van geïmporteerde textielgoederen aantonen.
  • Verkoopvolumelogboeken: exporteer geverifieerde jaarlijkse verkoopoverzichten, specifiek gefilterd op leveringen aan Nederlandse afleveradressen.
  • Verpakkingsscheiding: verantwoord verzenddozen, verzendzakken en polybags afzonderlijk onder de Nederlandse UPV-regelingen voor verpakkingen.
Operationele taakVereiste documentatieFrequentie / deadlineHandhavingsfocus
Gewichtsregistratie per SKUSpecificatiebladen, fysieke weeglogboeken per SKUDoorlopend bij toevoeging van nieuwe productenNauwkeurig nettogewicht per artikel
ProducentenmeldingBevestiging van aansluiting bij een producentenorganisatie of melding bij RijkswaterstaatZes weken vanaf de dag waarop de regels op u van toepassing worden[2]Actieve producentenstatus
Jaarlijks verslagNederlandse leveringsrapportages vermenigvuldigd met SKU-gewichten (in kg)Jaarlijks, vóór 1 augustus, aan Rijkswaterstaat[2]Volledigheid van Nederlandse verkopen
BijdrageafrekeningFinanciële afwikkeling met het collectieve systeem (EUR 0,24 per kg in 2026 bij Stichting UPV Textiel)Voorlopige opgave vóór 1 april; het gerealiseerde volume wordt vóór 1 april van het daaropvolgende jaar opgegeven en verrekend[3]Volledige betaling van de bijdrage

Het meenemen van compliancekosten in de stuksprijzen is overzichtelijk. Bij het tarief van EUR 0,24 per kilogram in 2026[3] brengt een gemiddelde katoenen sweater van ongeveer 0,5 kg circa EUR 0,12 aan UPV Textiel-bijdrage per verkocht stuk met zich mee. Door ervoor te zorgen dat uw ERP- en productdatabase de nettogewichten van kleding automatisch vastleggen, voorkomt u handmatige knelpunten bij de jaaropgave.

Vooruitblik: hoe de regels zich verder ontwikkelen

Het Nederlandse UPV Textiel-kader blijft zich ontwikkelen naast het bredere Europese beleid. Er zijn nieuwe Europese regels voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor textiel overeengekomen en de Nederlandse wetgeving zal hierop worden aangepast: Rijkswaterstaat verwacht dat de nieuwe regels vanaf begin 2028 in Nederland van toepassing worden, waarbij het toepassingsbereik wordt uitgebreid naar woontextiel, textielgerelateerde accessoires en schoeisel, onlineplatforms een controlerende taak krijgen en producentenorganisaties meer taken toebedeeld krijgen.[2] Totdat deze nationale implementatie een feit is, blijft het huidige Nederlandse besluit onverminderd van kracht en veranderen de huidige verplichtingen niet.

Naar verwachting gaan tariefstructuren in de komende jaren criteria voor ecomodulatie bevatten, waarbij tarieven per kilogram worden aangepast op basis van de levensduur van kleding, vezelsamenstelling, gerecycled materiaal en de recyclebaarheid via mechanische of chemische recycling. Hoewel de exacte berekeningsformules en modulatiestappen nog niet zijn vastgelegd in officiële instrumenten, krijgen producenten te maken met toenemende eisen rondom materiaaltransparantie.

  • Europese harmonisatie: afstemming van nationale inzameldefinities en mandaten voor gemachtigde vertegenwoordigers binnen de EU-lidstaten.
  • Geëcomoduleerde tarieven: financiële prikkels die circulair ontwerp belonen en niet-recyclebare gemengde vezels ontmoedigen.
  • Uitbreiding van het toepassingsbereik: de aangekondigde opname van schoeisel, woontextiel en textielgerelateerde accessoires vanaf de regels van 2028.

Welke UPV-verplichtingen voor textiel gelden, hangt af van uw exacte rol: of u zelf produceert, importeert uit het buitenland of kleding onder een eigen merk verkoopt, bepaalt wie als producent geldt en welke taken op u rusten. Dit onderscheid laat zich niet betrouwbaar vaststellen met een algemene checklist alleen.

Om direct inzicht te krijgen in uw compliancepositie en aan de veilige kant te blijven, start u nu de digitale behoefteanalyse. Aansluitend ondersteunen onze experts u bij de uitvoering van de vereisten en borgen zij uw naleving naarmate de regels zich ontwikkelen.

Veelgestelde vragen

Welke regeling is van toepassing op wat ik verkoop?
De UPV Textiel geldt voor consumentenkleding, bedrijfskleding en huishoudlinnen zoals beddengoed en handdoeken. Schoenen, riemen, hoofddeksels en accessoires zoals tassen vallen er op dit moment niet onder. Controleer daarnaast uw verpakkingsverplichtingen (Verpact) en, indien van toepassing, AEEA voor elektronische componenten, aangezien elke regeling een afzonderlijke naleving vereist.
Wie geldt als producent in mijn situatie?
U bent producent als u textiel produceert, importeert van buiten Nederland of onder uw eigen merknaam verkoopt. Koopt u uitsluitend in bij een Nederlandse leverancier die de producten al heeft geregistreerd, dan draagt u in de regel geen verplichtingen onder de UPV Textiel.
Geldt de regeling ook voor tweedehands goederen?
Nee, de UPV Textiel richt zich op textiel dat voor het eerst op de Nederlandse markt wordt gebracht. De verkoop van tweedehands kleding die al eerder in Nederland op de markt is gebracht, leidt niet tot een nieuwe producentenverplichting of een bijdrage per kilogram.
Hoe zit het met verkopen via marktplaatsen?
Verkoopt u als Nederlandse webshop via platforms zoals bol.com of Amazon, dan blijft u de producent en moet u deze volumes zelf rapporteren. De marktplaats neemt uw rapportageverplichtingen voor de UPV Textiel in Nederland niet automatisch over.
Wat moet ik doen als ik de meldtermijn heb gemist?
De UPV Textiel is van kracht sinds 1 juli 2023. Heeft u sindsdien textiel op de markt gebracht zonder melding bij Rijkswaterstaat of aansluiting bij een producentenorganisatie, doe dat dan zo snel mogelijk en geef uw historische volumes alsnog op. Een melding achteraf is de manier om de niet-naleving te herstellen, geen reden om te wachten.
Waar begin ik als er nog niets geregeld is?
Bepaal eerst uw exacte rol: importeert u, produceert u zelf of koopt u lokaal in? Meld u vervolgens bij Rijkswaterstaat of sluit u aan bij een producentenorganisatie zoals Stichting UPV Textiel om aan de financiële en rapportageverplichtingen te voldoen. Omdat uw rol bepalend is voor de concrete verplichtingen, is een specifieke behoefteanalyse de beste eerste stap.

Bronnen

  1. [1]ilent.nl
  2. [2]afvalcirculair.nl
  3. [3]stichtingupvtextiel.nl
  4. [4]wetten.overheid.nl